Vragenlijst ingevuld door Marloes Hendriks
Onderstaande vragenlijst is ingevuld door Marloes Hendriks. Zij is een van de deelnemers aan de Traindetrainersopleiding van 2024. Het beantwoorden van deze vragenlijst geeft een verdiepingsslag aan je visie en bewustzijn als trainer.
- Wat is kenmerkend voor jou en jouw stijl van trainen?
- Hoe introduceer jij oefeningen?
- Ben je directief of juist voorzichtig?
- Geef je veel of weinig feedback en sidecoaching?
- Volg je je programma strak of laat je het snel los?
Ik denk dat mijn stijl van trainen rustig en betrokken is. Ik zorg graag voor een veilige omgeving waarin deelnemers zich ook vrij voelen om te durven experimenteren. Vooraf heb ik zelf wel altijd duidelijk welke lijn ik wil gaan volgen, wat het thema is van de training. Tegelijkertijd wil ik ook ruimte laten voor wat er in de groep ontstaat.
Ik geef meestal eerst een introductie waarin ik de oefening uitleg. Dat doe ik heel kort. Als het nog niet helemaal duidelijk is voor alle deelnemers, dan komt het wel als de oefening eenmaal begonnen is. Ik waak er voor om te verzanden in teveel theorie. Vaak kijk ik wat er ontstaat en van daaruit kan ik de oefening verder verdiepen en aanpassen.
Ik denk dat ik eerder voorzichtig ben dan directief. Ik geef natuurlijk wel richting en kaders, maar ik laat de groep ook invloed hebben op hoe de oefening zich ontwikkelt. Ik probeer vaak ook aan te sluiten bij wat er op dat moment nodig is.
Ik geef vooral feedback en side coaching wanneer ik denk dat het iets toevoegt. Ik coach niet continu, omdat ik deelnemers ook de ruimte wil geven om zelf te ontdekken en succeservaringen op te doen. Als iemand steeds wordt “gecorrigeerd” kan dat ten koste gaan van het vertrouwen en het plezier.
Wanneer ik merk dat een deelnemer of de groep vastloopt probeer ik wat meer te sturen door een vraag te stellen, een aanwijzing te geven, of een kleine suggestie te doen. Ik vind het soms best lastig om een goede balans te zoeken tussen ondersteunen en loslaten. Ik wil deelnemers helpen als ze worstelen, maar ze ook voldoende ruimte geven om zelf te experimenteren en te ontdekken. En voor mij staat eigenlijk altijd plezier voorop!
Ik vind het zelf prettig om vooraf een programma te maken met een duidelijke rode draad of thema. Dat geeft mij houvast voor de groep. Ik probeer wel los te laten als de groep of het moment daarom vraagt. Soms best spannend omdat ik het toch altijd wel fijn vind om een thema uit te werken. Ik wil niet dat de training alle kanten op gaat. Dus binnen de rode draad is er wel ruimte om los te laten maar ik blijf uiteindelijk wel de rode draad volgen.
- Waarom geef je improvisatietraining?
Ik geef improvisatietraining omdat ik geloof dat er ontzettend veel in zit. Het stimuleert creativiteit, fantasie, oplossingsgericht denken, samenwerken, zelfvertrouwen, plezier en nog zoveel meer. Geen training is hetzelfde. Je weet nooit precies wat er gaat ontstaan. Dat maakt het voor mij ook uitdagend en zo ontzettend leuk.
- Heb je zelf geïmproviseerd? Zo ja, hoe lang en wat trok je daarin aan?
Ik denk dat ik nu zo’n 10 jaar bezig ben met improviseren. Wat mij direct aantrok is dat je geen teksten uit je hoofd hoeft te leren. Daarnaast: uit je hoofd, uit je hoofd, uit je hoofd. Niet bezig zijn met het perfecte antwoord of een mooie scene. Alles ontstaat in het moment. Het is enorm bevrijdend om dat toe te laten en maar zien waar het schip strand. Soms gaat dat goed en soms ook niet en dat is helemaal prima. Het geeft mij enorm veel plezier.
- Wat zijn jouw favoriete thema’s?
Meer vrijheid, meer plezier, meer vertrouwen en meer speelsheid
- Waar ligt voor jou de balans tussen plezier en diepgang?
Voor mij liggen plezier en diepgang dicht bij elkaar. Ik vind het belangrijk om ervoor te waken dat improvisatie niet alleen een gezellig, grappig en vrijblijvend spelletje wordt. Improvisatie wordt vaak geassocieerd met humor en plezier, en dat is zeker een belangrijk onderdeel. Maar voor mij zit plezier ook in de mooie, kwetsbare momenten die onverwacht kunnen ontstaan.
Als er een veilige omgeving is, durven deelnemers meer van zichzelf te laten zien, te experimenteren en risico's te nemen. Juist dan ontstaat er ruimte voor diepgang. Die momenten kun je niet afdwingen, maar je kunt als trainer wel de voorwaarden creëren waarin ze mogen ontstaan.
Ik vind dat plezier en diepgang naast elkaar moeten en kunnen bestaan. De luchtigheid zorgt ervoor dat mensen ontspannen en durven spelen, terwijl de kwetsbare en oprechte momenten ervoor zorgen dat een training echt betekenis krijgt. Juist de momenten waarop mensen zichzelf of elkaar verrassen, zijn vaak de momenten die blijven hangen.
- Hoe belangrijk vind je het dat deelnemers improviseren zien als middel voor persoonlijke ontwikkeling?
Ik vind persoonlijke ontwikkeling een belangrijk onderdeel van improvisatie, maar ik vind niet dat het een expliciet doel van iedere training hoeft te zijn. Voor mij begint het met plezier, veiligheid en de ruimte om te experimenteren. Vanuit die basis ontstaat vaak vanzelf persoonlijke ontwikkeling.
Tijdens improviseren leren deelnemers creatiever denken, beter samenwerken, luisteren, vertrouwen op zichzelf en omgaan met het onverwachte. Ze ontdekken vaak dat ze meer durven en kunnen dan ze vooraf dachten. Dat zijn waardevolle ervaringen die ook buiten de improvisatietraining van betekenis kunnen zijn.
Ik vind het belangrijk dat deelnemers ervaren dat improvisatie méér is dan alleen een leuke oefening. Tegelijkertijd wil ik die ontwikkeling niet afdwingen. Ik geloof dat mensen het meest leren wanneer ze zich veilig voelen, plezier hebben en nieuwsgierig mogen zijn. Juist dan ontstaan vaak de mooiste inzichten.
- Wat is volgens jou de meerwaarde van improviseren ten opzichte van bijvoorbeeld sport, teksttheater, dans, koken of lasergamen?
Voor mij is de grootste meerwaarde van improviseren dat je niet hoeft te bedenken wat je gaat doen, maar leert vertrouwen op wat er in het moment ontstaat. Dat is iets wat ik zelf heb geleerd en wat ik anderen ook graag wil laten ervaren.
- Naar welke vorm van improviseren gaat jouw aandacht uit en waarom? Denk aan theatersport, longform, verhalende scènes of toegepaste improvisatie.
Mijn liefde ligt vooral bij verhalende improvisatie, zoals De Vloer Op en longform. Wat mij daarin aanspreekt, is dat je samen met een ander een verhaal creëert zonder van tevoren te weten waar het naartoe gaat. Je weet niet wat de ander gaat inbrengen en juist daardoor blijf je elkaar verrassen.
Ik geniet ervan om samen personages, relaties en verhalen te laten ontstaan. Soms zijn scènes grappig, soms ontroerend of juist heel kwetsbaar. Dat kun je niet plannen; het ontstaat doordat je goed luistert, elkaar accepteert en durft te vertrouwen op het moment.
- Wat is jouw motto als trainer?
Uit je hoofd, in het moment. Durf te experimenteren en vertrouw op wat er ontstaat.
- Heb je een achtergrond, studie of werkervaring die meespeelt in jouw trainerschap?
Daarnaast heb ik in mijn werk geleerd hoe belangrijk een veilige leeromgeving is. Mensen durven pas te experimenteren, fouten te maken en nieuwe dingen uit te proberen als ze zich veilig voelen. Die ervaring neem ik ook mee in mijn improvisatietrainingen.
Ook in mijn rol als weerbaarheids en agressie trainer probeer ik deelnemers niet alleen technieken aan te leren, maar hen vooral zelf te laten ervaren, ontdekken en groeien. Die manier van begeleiden herken ik ook in mijn trainerschap binnen improvisatie. Hoewel de context anders is, zijn de onderliggende principes voor mij hetzelfde: vertrouwen, samenwerken, luisteren, flexibel reageren en durven handelen in het moment.


